Interview met Maaike Roozenburg

Lampen van plastic kratjes, 'Hollandsche Knollen' van porselein, snijplanken gebaseerd op eeuwenoude Turkse tradities: elk werk van Maaike Roozenburg (1979) vertelt een verhaal. Ze verbindt het verleden met het heden, en laat oude ambachten en futuristische technologie samensmelten. “Sinds we op onze benen zijn gaan staan en gereedschap zijn gaan gebruiken, zijn we eigenlijk niet meer zo veel veranderd.”

Je studeerde in 2004 af aan de Rietveld Academie met de serie 'Vaetwerk'. Welke rol speelt ambachtelijkheid in dit werk?

“Vaetwerk is een eerbetoon aan het handgemaakte. In de vroege middeleeuwen, nog voor de uitvinding van de draaischijf, werd keramiek met de hand gebouwd. Een beetje zoals je een asbak kleit op de kleuterschool: opgebouwd uit laagjes klei. Er waren grofweg drie soorten vaatwerk: een kan, een kom en een kookpot. Het zijn praktische dingen, die er een beetje klunzig uitzien. Ik heb opgegraven gebruiksgoed uit die tijd bekeken, en heb de elementen die typisch handgemaakt zijn, uitvergroot. Dus je ziet mijn vingerafdrukken in de klei staan, en de stukken zijn overdreven onregelmatig. Het zijn bijna pictogrammen van handgemaakte dingen.”

Wat fascineert jou aan dat vroegmiddeleeuwse gebruiksgoed?

“Ik vind het een heel mooi gegeven dat we als mens, sinds we op onze benen zijn gaan staan en gereedschap zijn gaan gebruiken, eigenlijk niet zo heel erg veranderd zijn. We benadrukken vaak de afstand tot het verleden. We zeggen dat mensen vroeger onhandiger waren, dommer zelfs. We vinden onszelf heel modern. Maar ik wil laten zien dat de handgemaakte gebruiksvoorwerpen die onze voorouders eeuwen geleden hadden, maar heel weinig verschillen van wat we nu gebruiken. Het mooie vind ik dat die eeuwenoude dingen zo archetypisch zijn. Als je een pot met twee oren ziet weet je meteen hoe je die moet gebruiken. Die vroeg-middeleeuwse potten zijn puur functioneel gemaakt. Daardoor hebben ze een zekere oprechtheid, die een contrast vormt met alle 'gedesignde' spullen waardoor wij nu omringd worden.”

Wat is voor jou de waarde van ambachtelijk werk?

“Voor mij betekent ambacht: ontwerpen terwijl je het met je handen aan het maken bent. Je kunt iets bedenken in je hoofd, dat idee uittekenen en het ding volgens die tekening gaan maken. Maar je hersens zijn eigenlijk heel beperkt. Je handen zijn ook heel slim. Ik wil graag voelen wat het materiaal doet, al doende uitproberen of wat ik bedenk ook kán. En vaak word je ook verrast door het materiaal.”

Vind je het jammer dat veel ambachten uitsterven?

“Ik ben niet nostalgisch over ambachten. Het heeft geen zin om ze krampachtig in leven te willen houden. Industriële productie heeft ook een heel eigen kwaliteit en schoonheid. Maar ik zie wel dat er een verlangen is naar dingen die met de hand gemaakt zijn. We weten nu wel hoe we snel en makkelijk van alles kunnen produceren. We beginnen te voelen dat daarbij iets verloren gaat. We hechten waarde aan een trui die door oma gebreid is, met foutjes en al, en zien de bijzondere kwaliteit van een met de hand gebouwd instrument. Dat heeft alles te maken met de aandacht die in het maken is gaan zitten.”

In je laatste project, Smart Replica's, combineer je ambachtelijk gemaakt porselein met de nieuwste technieken. Wat doe je precies?

“Samen met studenten van de TU Delft probeer ik replica's te maken van 17e eeuws Nederlands porselein. We gebruiken een CT-scanner, die een scan maakt 'in plakjes', net als een medische scan van je hoofd. De computer maakt op basis van die scan een reconstructie van het kopje. Vervolgens maakt de 3D-printer daar een 'afdruk' van. Elke printer heeft een ander handschrift. Een gipsprinter geeft een hele mooie korrelige structuur, een kunststofprinter werkt in laagjes, weer andere printers bouwen op in draadjes, waardoor je een soort weefsel-stuctuur krijgt. Als je daar dan weer een mal van maakt die je gebruikt om porselein te gieten, krijg je dus allemaal verschillende varianten. Ik vind het mooi als je in het eindresultaat kan zien hoe ze in de 17e eeuw het kopje hebben gemaakt, én hoe het gebroken is, en door een archeoloog weer in elkaar geplakt, én hoe achtereenvolgens de scanner, de computer en de printer het hebben 'vertaald'. Net als je in mijn 'Vaetwerk' mijn handen in de klei ziet staan, is ook hier het hele proces zichtbaar. Dat is ook wat ambacht is: dat je de aandacht ziet waarmee iets gemaakt is.”

Bekijk het werk van Maaike Roozenburg op haar website: www.maaikeroozenburg.nl

Meer over het Smart Replica's project is te lezen op de weblog smartreplicas.blogspot.nl

Tekst: Anneke van Wolfswinkel