Linda Arts: Abstracte kunst van nu

Het werk van Linda Arts (1971) oogt strak, bijna streng. Haar abstracte schilderijen bouwt ze op met horizontale, verticale en diagonale lijnen en vlakken, in zwart, grijstonen en wit. Heel af en toe gebruikt ze kleur. Maar binnen die beperkingen ervaart ze juist een grote vrijheid. En, anders dan je op het eerste gezicht zou denken, is haar werk eerder emotioneel dan rationeel van aard.

Hoe begin je met een schilderij?

“Ik maak veel schetsjes, en sommige daarvan worden het uitgangspunt voor een schilderij. Voor de indeling van het doek, in twee of meer vlakken, plak ik lijnen af. Binnen die 'harde' lijnen, die me een houvast geven, ga ik handmatig verder. Vaak vul ik vlakken in met lange, rechte kwaststreken die gradueel verlopen van zwart via donkergrijs en lichter grijs tot wit.”

Het lijkt alsof je jezelf veel beperkingen oplegt. Klopt dat?

“Ja, ik werk binnen vrij strakke kaders. Ik gebruik bijvoorbeeld alleen horizontale, verticale en diagonale lijnen, en beperk me hoofdzakelijk tot zwart, wit en grijs. Maar ik ervaar het juist helemaal niet als beperkend. Ik denk zelfs dat hoe meer je jezelf beperkt, hoe meer vrijheid er ontstaat binnen die beperkingen. Bovendien ben ik zelf degene die de grenzen bepaalt. Als ik het nodig vind om kleur te gebruiken, doe ik dat. En als ik merk dat bepaalde kaders niet meer werken, ga ik op zoek naar nieuwe.”

Waar draait het om in jouw werk?

“Om licht en ruimte. En om contrasten: tussen licht en donker, horizontaal en verticaal. En het gaat er vooral om dat ik een beeld maak dat gewoon goed in elkaar zit. Als een werk naar mijn idee klaar is, laat ik het soms wekenlang in mijn atelier aan de muur hangen. Soms zie ik pas na een hele tijd wat er nog aan moet gebeuren om het definitief goed te maken. Maar het gebeurt ook regelmatig dat ik tot de slotsom kom dat het toch niet goed gelukt is. Dat is geen rationele beslissing, ik kan het ook niet nameten of het 'klopt' of niet. Het is eerder een intuïtief en emotioneel soort weten.”

Veel kunstenaars die abstract werken, zijn ooit figuratief begonnen. Geldt dat voor jou ook?

“Ik heb op de kunstacademie een tijdlang houtskooltekeningen gemaakt van Afrikaanse religieuze beeldjes. Die werden steeds donkerder, tot je de figuur alleen nog als een soort schim in een bijna helemaal zwart vlak kon ontwaren. Toen ging ik een raster gebruiken, als tegenvorm achter de ronde horens op de kop. Uiteindelijk verdween die kop en bleven er in mijn afstudeerwerk alleen nog cirkels en rasters over. De figuratie is nooit meer teruggekomen.”

Welke kunstenaars bewonder je?

“Ik hou van het werk van Agnes Martin. Dat lijkt minimalistisch, maar ze noemde zichzelf eerder een abstract expressionist: haar werk is heel emotioneel geladen. Ik hou ook van Jan Schoonhoven, Ellsworth Kelly en Frank Stella. Hun werk wordt vaak formeel genoemd, maar ik zie het helemaal niet zo: al die oneffenheden, het materiaalgebruik, de spanning tussen de verschillende elementen in zo'n doek: voor mij zijn dat hele persoonlijke, emotionele werken. Hetzelfde geldt voor Mondriaan: toen ik zijn werk voor het eerst in het echt zag was ik daar erg van onder de indruk. Heel anders dan je op basis van reproducties zou denken zie je in zijn werk duidelijk zijn hand: in de verfstreek, in oneffenheden. Het is helemaal niet koel of afstandelijk, júist niet.”

Beïnvloeden die kunstenaars jou ook?

 

“Nee, eigenlijk niet. Mijn werk is echt een heel eigen wereld. Alle invloed die er is komt uit het werk zelf voort. De afgelopen tijd heb ik een aantal muurschilderingen gemaakt, waarbij ik vooral vlakken gebruik. Dan zie ik dat in mijn schilderijen ook weer meer nadruk komt te liggen op vlakken en minder op lijnen. Ook word ik soms verrast door een onbedoeld effect in een schilderij. Bijvoorbeeld dat in een schilderij dat alleen uit horizontale en verticale lijnen en vlakken bestaat, toch een diagonaal lijkt te zitten. Zo'n ontdekking leidt weer tot nieuwe schilderijen. Er is nog heel veel mogelijk.”

 

www.lindaarts.nl

 

Interview door Anneke van Wolfswinkel, 9 oktober 2014

Foto: Hans de Bruijn