De opening van het Paleis voor Volksvlijt

Op 16 augustus 1864 vond de plechtige opening van het Paleis voor Volksvlijt plaats. Overal hing de vlag uit, met name in de Utrechtsestraat die leidde naar de hoofdingang van het nieuwe gebouw. Samuel Sarphati moet deze dag met gemengde gevoelens hebben beleefd. Op 26 mei was namelijk zijn vrouw Abigael Sarphati-Mendes de Leon overleden. Sarphati was een orthodoxe jood en hij nam dus de vastgestelde rouwperiode in acht. Pas op 7 juli hervatte hij zijn werkzaamheden.

Ridder in de orde van de Nederlandse Leeuw

Om 13.00 uur arriveerde de eregast van de dag, Prins Frederik, met een groot gevolg. Het orkest speelde het Wilhelmus; er was applaus en gejuich. Na de jubelouverture van Weber sprak Sarphati de genodigden toe. Hij prees architect Outshoorn en sprak zijn dank uit aan de vele mannen die hadden geholpen bij de bouw van het Paleis. Sarphati stond stil bij de twee ‘oppassende arbeiders’ die tijdens de bouw waren omgekomen. Hij herdacht Salomon Abraham Bleekrode (1814-1862) zijn geestverwant en medebestuurslid van de Vereeniging voor Volksvlijt, die de opening niet meer mee mocht maken. Daarna voerden Prins Frederik en wethouder Berg het woord. Samuel Sarphati werd door de Prins benoemd tot ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Architect Outshoorn ontving een gouden horloge.

De versiering en muzikale omlijsting

Onder leiding van Jan Eduard de Vries (1808-1875), decorateur en theaterdirecteur, was het Paleis voor de gelegenheid uitbundig versierd. Onder het glazen gewelf hingen de vlaggen van verschillende landen. De 7.000 gasten zagen alom bloemstukken, guirlandes en draperieën. Door de hoge glazen koepel stroomde het daglicht naar binnen. Een roodfluwelen troon geflankeerd door de beelden van Mercurius en Neptunus stond in de hal opgesteld. Aan de kant van de Hoge Sluis speelde een orkest van 400 man en zong de sopraan Sophie Offermans-van Hove (1829-1906), een prominent Schumannvertolkster en de bekendste concertzangeres uit die tijd. Vanaf 1868 zou Jan Eduard de Vries de bedrijfsvoering op zich nemen van de tentoonstellingen, de concerten en opera’s in het Paleis voor Volksvlijt.

Vuurwerk

Er waren meer belangstellenden dan de 7.000 genodigden. Op de Hoge Sluis had een grote menigte post gevat. Zij zagen hoe het Paleis bij het invallen van de schemering van binnen werd verlicht door zesduizend gasvlammetjes. Daarna werden zij door de directie onthaald op een groot vuurwerk.

De eerste exposities

Het Paleis voor Volksvlijt was vooral ook een tentoonstellingsruimte. Bij de opening was een kleine expositie ingericht van nijverheidsproducten en een tentoonstelling van schilderkunst die wegens grote belangstelling moest worden verlengd tot 3 oktober van dat jaar.

Bouwkosten

Net als Londen, Parijs, New York en München had Amsterdam nu een Paleis voor nijverheid en industrie. Het gebouw markeerde het begin van wat wel de tweede Gouden Eeuw van Amsterdam wordt genoemd, een periode waarin de stad opleefde en een grote culturele en economische bloei inzette. In die periode zouden behalve het Paleis voor Volksvlijt het Amstelhotel, het Centraal Station, het Concertgebouw, de Stadsschouwburg en theater Carré verrijzen. De bouw van het Paleis voor Volksvlijt had echter een kleine schaduwzijde. De bouwkosten die op een miljoen geraamd waren, bleken te zijn overschreden met de helft.

Terug naar "Het Paleis voor Volksvlijt"