De eerste jaren van het Maagdenhuis (1570-1628)

In de loop van de 16de eeuw nam de bevolking van Amsterdam in rap tempo toe. Tussen 1520 en 1570 verdubbelde het aantal inwoners zelfs. De stad kreeg door verschillende epidemieën ook te maken met een groeiend aantal wezen. Het Burgerweeshuis in de Kalverstraat - thans Amsterdam Museum - bood vanaf 1520 onderdak aan de wezen uit protestantse gezinnen. Vanaf 1570 kregen katholieke weesmeisjes hun eigen onderdak en vanaf 1664 ontstond er ook nog een katholiek tehuis voor katholieke jongens aan de Weesperstraat.

De stichting van het eerste Maagdenhuis

Aeltje Pieters Fopszndr. werd geboren in 1535 en was een van de tien kinderen van de vermogende zuivelhandelaar en regent van het Pieters Gasthuis, Pieter Fopsz.. Zij en haar zus Meynau of Meynouwe ontfermden zich al vòòr 1570 over alleenstaande meisjes. In genoemd jaar stichtten de zussen een tehuis voor weesmeisjes van katholieke komaf, samen met Marie of Marij Spiegel. Zij was de dochter van de ook al zeer vermogende zeepzieder Laurens Pietersz. Spiegel (ca. 1500-1574) en de zuster van de Amsterdamse schrijver en filosoof Hendrik Laurensz. Spiegel (1549-1612). Uit deze rijke families kwam het beginkapitaal voor het weeshuis. Men betrok een pand aan de Oudezijds Voorburgwal in de buurt van het Bethaniënklooster. De eerste regent van de instelling werd Jan Michiel Louffsznzn.

De Alteratie van Amsterdam

Toen het weeshuis opgericht werd, kende Amsterdam nog een katholiek stadsbestuur, maar daar kwam op 26 mei 1578 een eind aan. Die dag grepen de calvinisten de macht en er werd een nieuwe raad gevormd met 30 calvinisten en maar 10 katholieken. Deze machtsovername, bekend onder de benaming ‘De Alteratie van Amsterdam’ had grote gevolgen voor de katholieke inwoners van de stad. Hun religie werd steeds verder onderdrukt. Kloosters werden gesloten, onteigend en soms verkocht. Het weeshuis vond in 1579 onderdak in een gedeelte van het voormalige Margaretha Klooster in de Nes (zie afbeelding bovenaan dit artikel). In 1584 wilde het stadsbestuur dit klooster verkopen. Het koopcontract dat Aeltje en Meynouwe gesloten hadden met de zusters van het klooster werd ongeldig verklaard en de weesmeisjes moesten hun behuizing aan de Nes verlaten. Zij vonden tijdelijk onderdak aan de Dam, waarschijnlijk in Huis Sneek, het ouderlijk huis van de Fopsdochters.

Onenigheid in de leiding

De samenwerking tussen de stichteressen was van meet af aan stroef. De Fopsdochters, en dan met name Aeltje, hadden een moeilijk karakter. In 1574 kwam het al tot een botsing met Marie Spiegel, waarop de zeepziedersdochter zich terugtrok uit de leiding. Een nieuw incident volgde in 1585. De Spiegels – nog steeds financieel betrokken - waren het eigenzinnige bestuur van de Fopsdochters beu en de gebroeders Hendrik (zie afbeelding) en Jan Spiegel kwamen zelfs verhaal halen in het weeshuis. Zij wilden Aeltje de sleutels tot het pand afhandig maken. Onder druk van de familie Spiegel en de regenten Jan Louffszn. en Jan Philips legde Aeltje haar functie neer. Meynouwe bleef nog tot ca. 1610 betrokken als regentes bij het weeshuis.

Hendrickje Jansdr. Copier

In 1599 betrokken de weesmeisjes ‘’t Vergulde Rondas’, het huis aan de Nieuwezijds Voorburgwal van Jan Deyman. De eigenaar van het pand was in februari van dat jaar overleden. Onder de dagelijkse leiding van de in 1565 geboren Hendrickje Jansdr. Copier keerden orde en rust terug. Men volgde getrouw de leefregel voor de weesmeisjes die pater Arnoldus ab Ischa in 1591 had opgesteld. In de zomer stonden de meisjes om 5 uur op, in de winter om 6 uur. Er werd gebeden en aan tafel werd voorgelezen uit de Heilige Schrift. De meisjes verrichten ’s ochtends huishoudelijke arbeid, na het middagmaal kregen zij drie uur onderricht. Onder Hendrickje en de regenten Pieter Pietersz. Can en Gerard Kuysten bloeide het weeshuis op. In 1648 gaven de dankbare regenten de schilder Nicolaes Moeyaert (ca. 1592-1655) de opdracht Hendrickje te portretteren (zie afbeelding). Dat schilderij hing in latere jaren in de regentenkamer van een nieuw weeshuis aan het Spui. Dat gebouw zou men in 1628 betrekken.