De bruine kroeg

“Er kwam een breedgeschouderde man binnen, met een pet en grote, vol ankers getatoeëerde jatten. Op vermaakte toon zei hij: ‘Zeg die Willem, die stoffeerder die naast me woont …’. De kastelein, die als een enorme, vadsige kater achter de tapkast hing, knikte afwachtend. ‘Hij heeft zich opgehangen vannacht’ riep de man. En hij barstte in een smakelijke lach uit. ‘Zo’ zei de kastelein summier. Hij leek me geen gevoelsmens.” Simon Carmiggelt geldt als de chroniqueur van de Amsterdamse bruine kroeg, een type café dat in de 19de eeuw haar oorsprong vond in de huiskamercafés en bierhuizen.

De inrichting van de bruine kroeg

Het traditionele café heeft een inrichting die nog sterk doet denken aan het 19de-eeuwse huiskamercafé. Houten meubilair, tafels met kleedjes, schemerlampjes, houten lambrisering en een zwaar houten buffet komen vaak voor. De oudhollandse stijl wordt soms bekroond met een fraai tegeltableau van de bierbrouwerij waarvan men vaste afnemer is. Veel cafés bleven tot in de jaren vijftig in handen van één familie. Het interieur werd - op soms een televisie, jukebox of flipperkast na - niet gewijzigd, want stamgast en kastelein waren wars van verandering.

De vaste jongens

Veel bruine kroegen zijn buurtcafés en de stamgasten wonen of werken in de directe omgeving. De vaste jongens die werkzaam zijn in de buurt komen meestal op het ‘moede uur’ (Simon Carmiggelt) als de dagelijks plicht achter de rug is en men nog niet helemaal toe is aan de rol van echtgenoot. Men is tussen de bedrijven door een uurtje onder elkaar.

Zand op de vloer

Een echte bruine kroeg heeft zand op de vloer. Het geeft een authentieke sfeer, maar heeft geen duidelijk doel. In het verleden was dat wel het geval. Begin 20ste eeuw was het pruimen van tabak nog populair. Dat was goedkoper dan tabak roken. Pruimen hield in dat je de tabak fijn kauwde; dat gaf een lekkere smaak en via speeksel kwam nicotine in je bloed. De resten pruimtabak werden uitgespuugd; op straat, of – in de huiselijke kring – in een speciaal bakje, de kwispedoor. Café Karpershoek werd begin deze eeuw veel door schippers bezocht. Op de bar stond een kwispedoor om de bruine fluimen van de klanten op te vangen. Maar sommigen mikten verkeerd, of deponeerden hun fluim gewoon op de vloer. Het zand op de vloer voorkwam dat het vocht in de planken trok en vergemakkelijkte het opruimen van de klodders pruimtabak. In sommige streken van ons land werd het zand op de vloer ook gebruikt om mooie figuren te strooien en zo meer mensen in het café te lokken.

Caféjargon

In de bruine kroeg worden de consumpties en de klanten in een heel eigen jargon aangeduid. Zo is een ‘kopstoot’ een glas bier met een glaasje jenever erbij. Als de kastelein het jeneverglaasje helemaal vol schenkt tot er als het ware een kop op staat, dan hebben we te maken met een ‘kamelenrug’. Een ‘opsodemieter’ is een ander woord voor borrel, evenals een ‘pikketanissie’. Een ‘kabouterpils’ of een ‘lampie licht’ duiden een kleintje pils aan. Als een ‘kroegloper’, ‘kroegtijger’ of ‘kroegvlieg’ de ‘Japanse rok aanheeft’ is hij ‘straallazarus’ en ligt hij weldra ‘voor Pampus’.

Het verdwijnen van het traditionele café

De bruine kroeg begint langzamerhand uit het Amsterdamse straatbeeld te verdwijnen. De snel stijgende huren in de Amsterdamse binnenstad en in buurten die in opkomst zijn vormen een belangrijke oorzaak hiervoor. Omdat een kastelein bij doorberekening van de huur in zijn consumptieprijzen zijn klanten kwijtraakt, zijn er twee mogelijkheden: of hij sluit de tent, of hij gaat zich specialiseren in trendy cocktails, luxe broodjes en salades om toeristen en airbnb-ers te trekken. In beide gevallen telt Amsterdam weer een bruin café minder. Zo is café De Wandeling aan de Palmgracht veranderd in het trendy Palm Springs. Van café Helmers (1930-2016) en café Amstelvaart (1899-2016) heeft Amsterdam al afscheid genomen; café De Vriendschap aan de Nieuwmarkt volgt in april dit jaar. Enkele cafés geven aan dat ze ook met het rookverbod veel klanten verloren hebben. Een enkele keer gebeurt ook het omgekeerde: de kastelein houdt vast aan het traditionele karakter van zijn bruine kroeg, komt daarmee in toeristische gidsen en trekt nieuwe klanten.