De jaren ‘90

Onrust en verstoorde werkverhoudingen in Paradiso leken ook de jaren ’90 te gaan domineren. Het tumultueuze vertrek van Huib Schreurs werd gevolgd door een al even chaotische periode onder Hans Dulfer. Toch zou er met de komst van Pierre Ballings meer rust komen in de werkverhoudingen.

Hans Dulfer

Hans Dulfer, de jazz-saxofonist die al in de jaren ’60 jazz avonden organiseerde in Paradiso, werd per 1 juli 1990 aangesteld als directeur. Hij zat meteen al klem tussen staf en bestuur. Een deel van de staf dacht dat bestuurslid Jaap van Beusekom, net als Schreurs ex-lid van CCC Inc., de benoeming had doorgedrukt. Van Beusekom verklaarde echter dat de sollicitatiecommissie unaniem was in haar oordeel. De staf, of in elk geval een groot deel, wilde liever zonder directeur verder. De rest van het personeel had zich niet tegen de nieuwe directeur uitgesproken. Het ene conflict na het andere volgde. Het werd Dulfer zelfs verboden om muziek te maken in zijn eigen zaal. Medio 1991 meldde hij zich ziek, werd door het bestuur van zijn functie ontheven en er werd een ‘zwijgclausule’ afgesproken. Hans Dulfer kreeg een ‘toegangsbewijs voor het leven’ tot Paradiso maar zou daar geen gebruik van maken.

Pierre Ballings

Na de ziekmelding van Hans Dulfer brak er een periode aan waarin de staf zijn eigen gang kon gaan. Toch kwam er in 1992 weer een nieuwe directeur. Op 24 september van dat jaar werd Pierre Ballings aangesteld als directeur. Ballings had geen achtergrond in de muziek; hij was voorheen ambtenaar van WVC. Met het aanstellen van twee bedrijfsleiders maakte hij een einde aan het collectief leiderschap van de staf. Er werden andere vormen van overleg ingevoerd. Ballings die bij zijn aantreden in het Parool zei dat hij verwachtte niet tot zijn pensioen te blijven, zou 21 jaar aan het hoofd staan van Paradiso.

Programmering

Vaste elementen in de programmering zijn kenmerkend voor de jaren ’90. Sommige reeksen waren al ontstaan in de jaren ’80, zoals de ‘Korendag’, de ‘Talentenshow’ en het ‘Tegentonenfestival’, waarbij het accent op tegendraadse muziek lag. Daar kwamen bij: de ‘Prom-serie’ (jazz). ‘B-Boy Extravaganza’ (hiphop), ‘Soundbox’ (alternatieve disco) en de ‘Time-Fuckers’ avonden (multimedia). Elk jaar werd de finale van de Grote Prijs in Paradiso gehouden, een competitie voor Nederlandse bands. Paradiso zou in de jaren ’90 de bekendste Nederlandse groepen geregeld een podium bieden. Urban Dance Squad, Claw Boys Claw, Herman Brood & his Wild Romance, De Dijk, Hallo Venraay en Tröckener Kecks waren graag geziene gasten in die jaren.

House

Vanaf het eind van de jaren ’80 ging de elektronische dansmuziek, house en techno, aan een opmars beginnen. Live optredens van house-acts werden aanvankelijk niet door Paradiso geprogrammeerd, maar begin jaren ’90 kwam daar verandering in. Op 25 mei 1991 vond ‘Atmosphere Raving ‘91’ plaats met Surkus, Eton Crop en Quazar. Surkus was een Jamaicaanse act, Eton Crop was een band uit Kudelstaart die in 1979 als punkgroep begon. Begin jaren ’90 kreeg de groep een tweede leven als dance act en trok de aandacht met de single ‘Noisy Town’. Quazar was een Nederlandse houseformatie rond Volkskrantjournalist Gert van Veen. De bezetting wisselde in de loop der jaren.

Hiphop

Een andere muziekstijl die in deze jaren doordrong in de programmering van Paradiso was de hiphop. De muziekstijl was in de jaren ’70 ontstaan in de Bronx. Run-D.M.C., bekend van hun single ‘Walk this way’ deed Paradiso op 14 oktober 1991 aan. De New Yorkse hiphop-act Public Enemy stond op 30 en 31 augustus 1992 op het podium en op 24 maart 1993 volgde Arrested Development uit Atlanta. Ook de Utrechtse band Urban Dance Squad met hun mengeling van rap, reggae en rock deed Paradiso regelmatig aan.

Red Hot Chili Peppers

De ‘Peppers’ uit Los Angeles traden op 17 februari 1990 aan in de nieuwe samenstelling, waarin ze in 1989 al een bliksemoptreden hadden gegeven op de Amsterdamse UITmarkt. Gitarist Hillel Slovak was in 1988 aan een overdosis heroïne overleden en drummer Jack Irons had de groep verlaten. Zij waren vervangen door John Frusciante op gitaar en Chad Smith op drums. Het optreden in Paradiso had een hoog amusementsgehalte door de motoriek van zanger Anthony Kiedis en zijn interactie met bassist Flea. Opvallend was de funky saxofoon, bespeeld door Keith Barry. The Peppers speelden vooral werk van hun laatste cd ‘Mother’s Milk’. Hoogtepunt was de cover van Stevie Wonder’s ‘Higher Ground’.

Nirvana

Op 24 september 1991 werd het inmiddels klassieke album ‘Nevermind’ van de Amerikaanse grungeband Nirvana uitgebracht. Twee maanden later stonden Kurt Cobain, Krist Novoselic en Dave Grohl in Paradiso. Van ‘Nevermind’ werden onder meer de hits ‘Smells like Teen Spirit’ en ‘Come as you are’ gespeeld; daarnaast werden songs van de elpee Bleach uit 1989 vertolkt: ‘Negative creep’, ‘Floyd the Barber’ en ‘School’. De toegiften waren ‘Love buzz’, oorspronkelijk een nummer van Shocking Blue, en ‘Territorial Pissings’ van het laatste album.

Steve Earle & The Del McCoury Band

Een grote man in een grijs, double breasted pak van ribfluweel met mandoline stond op het podium in Paradiso. Hij droeg -volgens toeschouwer Martin Bril - een lange zwarte baard, “die hem de uitstraling gaf van een dominee die gewapenderhand zijn gemeente voorgaat naar het beloofde land.” Earle werd omringd door drie muzikanten die eruit zagen als “ouderlingen”. Zij speelden viool, contrabas en banjo. De groep op het toneel stond op een kluitje met in het midden een ouderwetse microfoon. Bij elke solopartij stapte een van hen naar voren naar de microfoon. Steve Earle had in 1999 met The Del McCoury Band het bluegrass album ‘The Mountain’ opgenomen. In Paradiso speelden ze veel werk van deze cd: ‘Harlan Man’, ‘Texas Eagle’ en natuurlijk het titelnummer: ‘The Mountain’.